Gedrag = Persoon x Context

Mensen en organisaties in een Context brengen waarbinnen al hun vermogens en talenten tot bloei komen

De juiste Context zorgt ervoor dat we plezier hebben in ons werk en kunnen en willen excelleren. Zo dragen passende huisvesting en de juiste organisatorische ondersteuning, bij aan de vitaliteit en het succes van organisaties.

De turbulente externe context vraagt om nieuwe manieren van werken, leren en organiseren. De mogelijkheden om een organisatiecultuur, of gedrag van mensen, heel direct te veranderen zijn beperkt. Gedrag is echter wel beïnvloedbaar door de interne context zo te regisseren dat mensen verleid en geprikkeld worden, om op basis van hun persoonlijke context, gedrag te ontwikkelen dat effectief aansluit bij de veranderende extern opgeworpen vraag.

De Externe Context bestaat uit de maatschappij, de samenleving en andere invloeden van buiten zoals concurrentie, de klantvraag etc. Deze is voortdurend en steeds sneller aan verandering onderhevig. En daar dient telkens nieuw gedrag tegenover te worden gezet om effectief en succesvol te zijn. De Externe Context is niet nadrukkelijk beïnvloedbaar. Ons gedrag is dat wel, maar vooral op een indirecte manier.

De Interne Context kent aangrijpingspunten op drie verschillende onderdelen:

  1. De Organisatorische Context. (OC) Deze wordt gevormd door de organisatie cultuur, (ongeschreven) huisregels, leiderschapsstijlen, beloningsmethodiek, waardesystemen en het soort werk dat mensen doen. De Organisatorische Context heeft rechtstreeks effect op het gedrag van medewerkers en daarmee op het presteren van de organisatie. Draaien aan de knoppen van de organisatorische context leidt doorgaans tot wat men ook wel sociale innovatie noemt.
  2. De Fysieke Context. (FC) Bestaand uit de ruimte, het gebouw, de inrichting, de producten en materialen waarbinnen/waarmee medewerkers hun rol vervullen. De omgeving waarbinnen iemand zich bevindt kleurt het gedrag. De producten / middelen waarover men kan beschikken faciliteren in meer of mindere mate bepaalde activiteiten. Anders omgaan met ruimte, inrichting en kantoorproducten kan leiden tot kantoorinnovatie.
  3. De Virtuele Context. (VC) Bepaald door de manier waarop men met ICT, het internet, moderne media en digitalisering omgaat. Dit kan gedrag versterken of ontmoedigen.

Deze drie facetten van de Interne Context zijn niet geheel toevallig ook de kurken waar Het Nieuwe Werken op drijft. OC Behaviour, FC Bricks en VC Bytes. De vraag is of bij de meeste voorbeelden van Het Nieuwe Werken wel werkelijk aan de OC knop is gedraaid.

De Persoonlijke Context. Dit staat voor de manier waarop individuen een situatie beleven. Deze wordt gekleurd door eerdere ervaringen. De herkenning van een bepaalde situatie, als lijkend op iets wat men eerder heeft  meegemaakt, roept direct een reactie en bepaald gedrag op. In positieve zin heet dit het automatiseren van bepaalde handelingen. In negatieve zin betekent dit remmingen op ontwikkeling. Mensen daarin veranderen is doorgaans niet erg succesvol. Mensen willen wel veranderen, maar niet veranderd worden. De Persoonlijke Context kan echter wel worden beïnvloed, door de Interne Context binnen organisaties dusdanig vorm te geven, dat mensen dit herkennen als een voor hen positieve en prettige situatie om in te opereren. Waardoor zij zich optimaal zullen geven en wél bereid zijn zich tot gedrag te laten verleiden dat effectief oplossingen biedt voor nieuwe uitdagingen en kansen in de Externe Context.

VAXA richt zich actief op het regisseren van de Interne Context. Waardoor ieders Persoonlijke Context positief wordt beïnvloedt, deelnemers tot bloei komen en organisaties excelleren.

© 2010 VAXA: Organisatie Gericht Huisvesten & Sociale Innovatie Kennis delen en waarde creëren? Value Engineering!