Ik zat weken geleden aan de oost Duitse grens in een boomhut, met een professor in duurzaam bouwen en enkele internationale kunstenaars. De dagen daarvoor was het gegaan over spelen en natuurlijke speelomgevingen.
Duizenden betontegels uit het schoolplein vervangen door bergen zand, waterloopjes en veel groen. Vervolgens maak je een schoolklas verantwoordelijk voor een deel van het terrein. Jaarlijks krijgen ze daarvoor uitleg van een bioloog, die vertelt hoe ze om zouden moeten gaan met de verschillende planten en andere kwaliteiten van het geheel.
De metamorfose van beton naar leefbaar is vergelijkbaar met wat ik als ontwerper en adviseur voor ogen heb wanneer ik met kantoorhuisvesting of schoolinrichtingen bezig ben. Vandaar ook dat ik naar dat speelcongres ben geweest. Het meekijken met andere disciplines is zeer leerzaam. Vooral ook wanneer ze met mensen en hun omgeving bezig zijn. Napratend vanuit de boomhut hebben we het gehad over de valkuilen en de hindernissen waar een ieder mee te maken heeft en de manier om daar mee om te gaan.
Een van de hardnekkige problemen blijkt te zijn, dat ondanks dat alle betrokkenen bij een dergelijk project uitermate tevreden zijn en het zeker niet veel extra hoeft te kosten, het lastig is om tegen de juiste opdrachtgevers aan te lopen. Wanneer je product zo goed bevalt en iedereen schreeuwt om een gezonde en prettige leefomgeving, dan zou je toch verwachten met open armen te worden ontvangen. Dat blijkt doorgaans niet het geval. Geen reden voor somberheid overigens want er is wel een kentering zichtbaar. En dat zit hem in de hoek van de beleving en de ruimte voor emotie.
Zo kwam bij een internationale bijeenkomst over innovatie in facility management, met als thema beleving en emotie, de facilitaire man van de dierentuin van Antwerpen aan het woord. Voor mij een leuk gegeven omdat ik in mijn verhalen de link leg tussen mensen als zoogdieren en de behoefte aan een “zoogdiervriendelijke” leefomgeving. Daar bleek het niet over te gaan, maar wel over de attractie en belevings waarde van de omgeving en wat je kunt doen om je klant tevreden te houden. Met respect voor de bestaande omgeving toch de aansluiting zoeken met de flitsende wereld die we van de TV en de computer kennen.
Symptomatisch gaf de laatste spreker echter aan dat dit vooral belangrijk was voor organisaties die direct met het gebouw hun geld verdienen, zoals recreatie centra. Daar haakte ik af. Alsof mensen op kantoor zitten te wachten op een saaie werkplek en of patiënten in een ziekenhuis geen emoties kennen.