Dit past naadloos in mijn visie omtrent ons zoogdiergedrag en de verstandelijke weerstand die we opbouwen wanneer we ons niet veilig wanen. Zodra die onveiligheid omslaat in iets attractiefs en een prettige belevenis wordt, dan is ons mensenverstand weer in staat helder en zakelijk om te gaan met de nieuwe kenmerken van de nieuwe situatie. Zolang de argumenten rondzwemmen in een houding vol tegenzin en weerstand kom je niet verder dan hakken in de grond. Een positieve ervaring doet dus wonderen. Een zelfde verschijnsel zag ik afgelopen week bij een presentatie over licht in Drachten. Ik ken de spreker en ken de strekking van zijn verhaal. Toch was ik net als de overige toehoorders wéér onder de indruk van het ervaren van de zaken waarover werd gesproken. Natuurlijk kennen we de verschillen tussen direct en indirect licht, maar dat is heel wat anders dan lijfelijk meemaken wat het met je doet wanneer je een minuut of wat in de conventionele lichtsfeer van omlaag schijnende TL armaturen staat, om vervolgens verwend te worden met een dosis omgekeerd licht en een helder plafond boven je hoofd. Ook hier kunnen geen duizend woorden tegenop.
Het onhandige is dat wij doorgaans niet zijn ingesteld op het waarnemen van zaken die goed voor ons zijn of goed gaan. Net als een vis zich niet bewust is van het water tot hij op het droge ligt. Wetend hoe belangrijk ervaring is neem ik mij voor in 2006 mij nog bewuster te worden van de dingen om mij heen. Juist ook wanneer er `niets te katten valt`wil ik dat bewust ervaren.
Hoe staat het met uw ervaringsdeskundigheid? Bent u in staat uw achterban te laten ervaren waarom u uw stokpaardjes de sporen geeft? Of blijft het bij woorden en af een toe een aardig plaatje? Mijn wens voor 2006 is dat alle lezers van deze column komend jaar toetreden tot de belevingseconomie. Lijkt u dat geen boeiende ervaring?